AOW, pensioen en belasting — wat moet je betalen vanaf 67?
AOW + aanvullend pensioen vallen in box 1, met lagere AOW-leeftijd-tarief (17,9% i.p.v. 36,93%). Heffingskortingen anders + verschil voor partners.
Vanaf AOW-leeftijd (2026: 67 jaar + 0-3 maanden afhankelijk van geboortejaar) verandert je belastingdruk: (1) Box 1 tariefverlaging in 1e schijf — voor AOW-gerechtigden 17,9% (i.p.v. 36,93%) tot ~€38.441; daarboven 36,93% normaal; (2) Hogere ouderenkorting + alleenstaande-ouderenkorting; (3) Mogelijk lagere zorgpremie via lager bijdrage-inkomen; (4) Geen meer arbeidskorting (vervangen door werkbonus). Aanvullend pensioen: opbouw via werkgever (2e pijler) of lijfrente (3e pijler) belast in box 1 bij uitkering. Eigen vermogen-effect: pensioen-uitkering verhoogt verzamelinkomen, kan invloed hebben op zorgtoeslag + huurtoeslag. Voor partners: gemeenschap van goederen — pensioenrechten van overleden partner gaan over via Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wvps). Foute aanslag in AOW-leeftijd: bezwaar binnen 6 weken — speciale aandacht voor heffingskortingen die niet werden meegenomen.